Ik kijk ze achterna

Als een transparante Train à Grande Vitesse.
Vanuit het stationsraam. Mijn onbeweeglijke zolder.
De daken liggen als dwarsbalken onder de gevleugelde coupés.

Zal ik ooit deze plek ontwennen.
Noch Dewulf of Ducal, Tellegen of Pessoa,
schrijven zo mooi en helder als deze wolken.

Geen punten of komma’s.
Alleen aanstormende alliteraties.
Geen stopplaats of tijdschema.


Ze haasten zich langzaam. Naar n-ergens.

Deze namiddag ga ik naar moeder (92).
Ik zal haar het oude nieuws brengen.
Dat haar dochter van 67 nu eindelijk mocht sterven.
Zij hing het meest aan haar rokken. Verlatingsangst, vermoed ik.

Ik hoop dat moeder haar kan achterlaten.