Oefeningen in vergeten


hdc763
Foto De Morgen




Geef me niets en zeg: dat is alles.
Geef me mijzelf, geef me jou.
Ik heb gezocht naar wist ik maar wat.
Geef me nu eindelijk
wat ik altijd al had.

Herman de Coninck
Uit Met een klank van hobo



°°°



Vele jaren ging ik slapen
met de Coninck.
Ik stond er ook mee op.
Zonder dat wij een affaire hadden.

Tenzij van geletterd papier.
Hij lag hier open en bloot
languit op tafel. Lenig als de liefde.
Mijn koninklijk brevier.

Elke ochtend was er exercitie,
vingeroefeningen op een blad.
En als het winter was
dan schreef ik mijn naam: dichter.

Op het berijmde raam.
Maar een lichte wasem
van mijn ademende mond
en hij was alweer verdwenen.

Zo vluchtig is, helaas, een dichter zijn bestaan.


2013






PS. 2021
Een oefening in verliezen.
De lente en de liefde.
De jaren verzamelen wat je achterliet.

Een herder.
Van je gemis. Dat nu en dan stolt.
In een foto. In een lied.

Elke dag raak ik wat kwijt.
Hetzij mijn adem. Of een herinnering.
En dan kom ik hem toevallig tegen.

In mijn vergeten tijd. Een dichter zonder naam.



We hebben geen woorden meer


126566102zee
RTL Nieuws


Een oude man met een hoed gaat voorzichtig van de dijk de trap af, en vandaar traag over het strand in de richting van de zee. Het is laagtij, die zee is ver weg. Vastberaden schuifelend gaat hij vooruit, hij laat in het zand één loodrechte lijn van sporen na. Ik sta op de dijk en ik kan niet weg­kijken. Zijn trage volharding voelt doelgericht. Wat gaat hij doen? Af en toe staat hij stil en kijkt hij om. Bijna zwaai ik.

Ik besef dat ik iets zie wat zeldzaam is geworden: de langzame inspanning. De tijd van nu heeft natuurlijk haast. Ik ook. Ik weet al lang niet meer waarom. Een docente Nederlands had het in een opiniestuk in NRC over de ‘zichzelf opgelegde haast’ die ze bij haar scholieren voelt. En hoe die haast zich nestelt in een taal van afkortingen. Wbj, wat bedoel je, hgh, hoe gaat het, idk, I don’t know, of als antwoord op een langer bericht: tldr – too long, didn’t read. We hebben geen woorden meer.

Onbewogen blijf ik naar de langzaam voortschrijdende strandganger kijken. Net ging hij de verdwaalpaal met het knipogende spookje voorbij. Sinds kort staan die palen er terug, traditioneel het begin van een lange strand­zomer. Er kan opnieuw probleemloos verdwaald worden en dat vind ik elke keer weer een heuglijk signaal. Verdwalen is altijd een van mijn favoriete tegenslagen geweest. Weer even moeten uitzoeken wat hier en nu is, het is de weldadigste vertraging. ‘want verdwaald is de waarheid’, schrijft Lucebert in die net teruggevonden bundel Vaarwel. Dat overdrijft hij niet, denk ik.

Citaat uit De Standaard der Letteren – Guinevere Claeys – 15 mei 2021


°°°


Haast je langzaam

Zoals ik stap
zo schuifelen mijn vingers
over dit strand

twee langzame benen

over een toetsenbord
ze aarzelen alsof ze verdwalen
ze haperen

meer dan ze schrijven

ze volgen het ritme
van mijn gedachten
die hebben tijd

in de schaduw van de haast.





PS.
Dikwijls drentel ik door een dreef.
Slenteren met het tempo van een slak.
Verdwalen doe ik niet meer. Ik kies de begane paden.

Langs de vijvers haasten zich de runners.

Met hun oortjes
en apparatuur.
Voor hun wattage. Check. Meten is weten.

De weg is maar een middel.

Onderweg: verloren tijd.
Terwijl ik dacht
dat dit de essentie was.


Het woord met vele gezichten


fpz[1]
Foto Internet


Van het hele boek weet ik niets meer, maar ik herinner me dan ook zelden iets van wat ik heb gelezen, tenzij een detail of het gevoel dat ik erbij had. De plot kan ik nooit navertellen, het einde blijft me niet bij en uit het blote hoofd citeren kan ik zelden. Jarenlang heb ik beweerd dat Light in August van William Faulkner mijn lievelingsboek was, omdat het verpletterende gevoel dat ik erbij had levendig bleef, tot iemand me vroeg waarover het ging en ik met mijn mond vol tanden stond.

Vicky Vanhoutte – De Standaard der Letteren – 24 april 2021


Perspectief

1) Context 2) Diepte 3) Doorzicht 4) Gezichtshoek 5) Gezichtspunt 6) Invalshoek 7) Kans 8) Oogpunt 9) Standpunt 10) Tekenterm 11) Toekomst 12) Uitzicht 13) Uitzicht in de toekomst 14) Uitzicht op een goede ontwikkeling 15) Vergezicht 16) Verschiet 17) Vooruitzicht 18) Zienswijs



Trompe-l’oeil


Woorden komen en gaan.
Krijgen aandacht
of worden vergeten.

Ze verslijten.
Of krijgen een andere betekenis.
Door te veel of fout gebruik.

Wie zal ze verdedigen.






PS.
Op radio en tv, in de krant,
ik zag en hoorde vooral één woord: perspectief.
Het werd een tunnelvisie.

Voor iedereen wel wat.

Ondertussen is het woord gaan liggen.
Zoals de wind na een storm.
De terrassen verzamelen weer gezichten.

Het blond schuimend bier laat mij aan Malle Babbe denken.
En haar perspectief.
Ik vond het een tragisch liedje.

Dat ik meezong uit volle borst.



Je tilt je rokken op
En lacht naar iedere man
Die in het donker wel durft
Wat overdag niet kan
En bij nacht
In de kroegen hier
Gaat je naam in het rond
Bij het blond schuimend bier
Ik ken ze een voor een
De heren van fatsoen
Ik zal ze nooit vergeten
Zoals ze jou wel doen


Godzijdank


large_HH-42312142mensje
Foto De Groene Amsterdammer

Ze zucht glimlachend. ‘Er wil nu iemand mijn biografie schrijven, maar ik ben nog niet dood en bovendien: ik ben geen wereldreiziger, ik zat altijd het liefst in mijn kamer, ik heb maar een paar minnaars gehad – al waren er meer te krijgen – ik ben niet puissant rijk geworden, ik ben niet omgebouwd tot man. Eigenlijk heb ik, godzijdank, een heel saai leven gehad.’ …
‘Schrijven is een kwelling, heb ik ooit gezegd. Maar niét schrijven is een nog grotere kwelling. Ik werd met de jaren alleen maar onzekerder en kritischer – mijn notitieschriften zien eruit als verwoeste weefsels, maar als het lukt, zit ik te fluiten. Ik kan aardig fluiten, smartlappen vooral.’


Uit De Standaard der Letteren – Mensje van Keulen – 8 mei 2021




+++




En alhoewel
hier niets te beleven valt.
En er amper een reiziger dit Blog passeert.

Toch blijf ik tikken. Op dit wereldwijde venster.

Zoals een mus tegen het raam.
Een koolmees. Tak op, tak af.
Een zwaluw tegen de hemel.

Zolang ik schrijf, blijf ik leven. Een kamervolle man. Met wat rozengeur en maneschijn.




PS.
Ook al lijkt dit alledaagse bestaan saai.
Vandaag is het de elfde en die is precies hetzelfde… als de twaalfde…
Rozengeur en maneschijn.


Na dit leven wordt het zeker niet spannender.
Straks bij de tandarts, misschien wel.



Wat is er mis met deze jongen?



bol.com | Datumloze dagen, Jeroen Brouwers | 9789046706961 | Boeken



08:36 op 10 August 2010  – Herwerkte versie

Wat is er mis met Brouwers?

‘Ik ben alleen maar nu, dacht hij opnieuw. Ik ben nooit later geweest en ik zal nooit vroeger worden.
En terwijl hij zijn gedachten, die altijd wijzer waren dan hijzelf, niet langer volgen kon,

voelde hij zich weer tevreden worden.’

Hij is de eekhoorn.-

Uit ‘Misschien wisten zij alles’ pag. 62 – Toon Tellegen


°°°

Als ik Tellegen lees, Dewulf of Ducal,
zelfs Nolens of Pessoa, dan heb ik het gevoel
dat ik doorheen mezelf blader.

Ik kom mezelf tegen.
Herkenbaar.
Of dat nu pijnlijk of plezierig is.

Gisteren sloeg ik ‘Datumloze dagen’ van Brouwers dicht.
Enfin. Ik had me verplicht gevoeld het uit te lezen.
Grote schrijver voor kleine lezer.

Prachtige zinnen. Bellettrie.
Maar ik blijf zitten met een knagend gevoel bij die ouwe literaire zeurkous.
Ik geraak niet in het boek.

Het was net of ik een roman las. Ja, natuurlijk is het een roman.
Maar als ik de ‘sprookjes of dierenfabels’ (hoe noem je die?) van Tellegen lees,
dan heb ik gevoel dat ik het leven zelf binnenstap.

Er is absoluut wat mis met mij …



PS.
Dagboek van toen herwerkt vandaag.
Brouwers won gisteren de Libris.

Mea maxima culpa.
Zijn meeste meesterwerken resideren hier.
Opgestapeld als een flatgebouw tegen mijn schouw.

Ik besef dat ik mij nu vogelvrij verklaar.
Schiet u maar op deze lezer.
Een literaire analfabeet tot na de komma.

Domine, non sum dignus ut intres sub tectum meum…
Ik ben niet waardig dat ik lees.



my best friend




Wil u mij verontschuldigen, dierbare en uitzonderlijke lezer-es,
niet een gebrek aan respect,
ligt aan de basis, maar eerder het ochtendlijke uur.

In deze iele vroegte,
zit ik namelijk te schrijven naar u. Terwijl ‘corpus meum’
nog gehuld is in een (weliswaar alles verhullende) kamerjas.

Volgens de Conventies van George Steiner, my beloved,
is dit een doodzonde. Tegen schrijver en lezer.
Zelfs indien ze niet in de ‘Mechelse Catechismus’ vermeld zou staan.
Als dusdanig.

Terwijl in het Verre Oosten bommen vallen,
verliezen hier enkele tulpen hun blaadjes. Op een vredige tafel.
Op het nieuws hoor ik dat een amechtige schrijver in de prijzen viel.

Brouwers won de Libris.

Tegen mijn schouw leunt zijn stapel boeken als een wankel flatgebouw.
Ze juichten als een hoop Hooligans.
Maar mijn adem heeft telkens lucht nodig als ik Brouwers hoor. -Mijn astma krijgt het dan benauwd.-


Voorwaar, voorwaar, ik zeg u
blijkbaar heeft De Mens nog steeds gelijk…
Ondertussen, groet ik u,

uw wakkere burger.

In een nat land
Bij een bosrand
Heb ik hem ontmoet
In een huis vol fraaie schimmels
En vuil ondergoed
Jeroen Brouwers schrijft een boek
En hij weet hoe dat moet
Jeroen Brouwers schrijft een boek
Hij doet dat goed
Elke ochtend
Eet hij zwijgend
Een plak melancholie
En hij botert triest beschuiten
In dienst van het genie
Jeroen Brouwers schrijft een boek
En hij weet hoe dat moet
Men zegt dat schrijven genezend werkt
Ik weet het niet
Word je zelf niet verslaafd aan dat poëtisch verdriet?
….

De Mens


Van de Schoonheid en de Troost



‘Jarenlang hebben we moeten horen dat het heel belangrijk is om van jezelf te houden. Ik weet nooit zo goed wat dat is, van jezelf houden. (…) je wordt niet door jezelf vertederd, ontroerd of geraakt, je denkt nu nooit eens over jezelf zoals over een ander: wat ben je toch lief!’
(Marjoleine de Vos, ‘Doe je best’)

Ik weet het evenmin. Er is geen beginnen aan en evenmin komt er een eind aan.
Het is om gek van te worden, als je erover na begint te denken. Altijd rijd je je vast.

‘In ons leven tallozen;
Ik weet niet, als ik denk
Of voel, wie denkt of voelt.
Ik heb meer dan één ziel,
Meer ikken dan ikzelf.’

De woorden van Fernando Pessoa geloof ik meer dan een kwarteeuw nadat ik ze op de binnenkant van een ringmap heb geschreven nog altijd.
Er is niet zoiets als jezelf, jezelf is altijd een ongrijpbaar meervoud.

Uit De Standaard der Letteren – Vicky Vanhoutte – 8 mei 2021

°°°


Hoe gaan die dingen?
Je leest een ­column van Dewulf, hoort Bart Stouten op de radio, bladert nog eens in een boek van Bouazza of Caro Van Thuyne en stelt eens te meer genoeglijk vast: het is een mooie taal waarin wij leven, dag na dag, gedachte na gedachte, een schítterende taal is het, dat Nederlands van ons. Een seconde later reeds, echter, kan het gebeuren dat een neiging tot mistroostig hoofdschudden zowaar en ongevraagd de kop opsteekt, en wordt het je van de weeromstuit opeens maar wankel te moede. Hoelang zal een volk, knarsetand je nu, dat te lui, daas, ­onaandachtzaam en lamlendig is om ­zoiets eenvoudigs als de dt-regel onder de knie te krijgen dat prachtige Nederlands nog verdienen? Hoelang kun je hooghartigweg je woonst verwaarlozen voordat zij bulderend instort en elkeen aanwezig bedelft onder het puin?

Uit Het Weekblad van De Standaard – Christophe Vekeman – 8 mei 2021

+++





Als je miserie wil lezen dan hoef je maar een krant open te slaan.
Geen tekort aan slecht nieuws.
J’en ai marre“.

Ik heb het de laatste tijd moeilijk om hier wat neer te pennen.
Wat is de toegevoegde waarde ervan?
Aan deze virtuele ruimte. Voor jou. En voor mezelf.

De enige zinvolle reden die ik kan bedenken is: Schoonheid en Troost.

Daarom tracht ik ‘a loving guardian’ te zijn.
Die nu en dan de eenzaamheid kan verzachten.
Die van jou. En van mezelf.

Een herder die op weg gaat. Om Schoonheid te verzamelen. Wat dat ook moge wezen.







Ik herhaal je


178958684_1731040637103089_8860570577070090241_njonckers
Internet Ingrid Jonker

Ik had gedacht dat ik je kon vergeten,
en in de zachte nacht alleen kon slapen,
maar in mijn onschuld heb ik niet geweten
dat ik bij elke windvlaag zou ontwaken:

Dat ik de lichte trilling van je hand
weer langs mijn sluimerende hals zou voelen –
Ik die dacht dat het vuur dat in me brandde
als de witte sterrenbaan zou zijn afgekoeld.

Nu weet ik dat onze levens zijn als een lied
waarin de smarttoon van onze scheiding klinkt
en waar alle vreugde terugvloeit in verdriet
en uiteindelijk in onze eenzaamheid verzinkt.

Ingrid Jonker (1933-1965) – Ek het gedink / Ik had gedacht
Uit: Ik herhaal je: gedichten; vertaling Gerrit Komrij



+++



En uiteindelijk in onze eenzaamheid verzinkt

Als alleen de tijd
je gezelschap houdt
en slechts de muren
met je praten

het licht je aanraakt
en je niet verder geraakt
dan je eigen schaduw
de lege plek

die je vertrouwt
en je als geen ander
trouw is
dan weet je

hoe eenzaamheid smaakt.





PS.
Zelf ben ik nog niet besmet, denk ik.
Maar misschien is dat enkel voorlopig.
Alleszins, herken ik haar.

Zij die zich verbergt. Uit schaamte.
Zoiets, als armoede.
Maar dan van het tastbare.


PS.
De kinderen liggen in bed.
Papa is snookeren. En mama ligt op de zetel.
Zalig.

Zij droomt van alle mensen die het huis voor zich alleen hebben.
Geen lawaai. Geen rommel. Geen gezeur.
O, wat een leven, denkt ze.

Zij vergist zich.
Zij verwart ‘vakantie’ met ‘het leven zoals het is’.
Zalig, is een tijdelijk verschijnsel.



voorbij de schaamte




beer
Internet – Themanieuws


Bij het beeld hierboven, moest ik aan DES denken. En zijn gruwelijk verhaal. Op Canvas.
Brits misdaaddrama gebaseerd op het waargebeurde verhaal van seriemoordenaar Dennis Nilsen,
de beruchte Muswell Hill Murderer. Naar het boek ‘Killing for Company’ van Brian Masters.

‘Killing for Company’.


°°°


Eind jaren zeventig, vorige eeuw.

Wij (= 1 vrouw+1man+1meisje+1jongetje) zaten bij de psychiater.
De GVR, met de baard van God de Vader, vroeg mij dwingend mijn gevoelens uit te beelden.
Ik moest daar gaan staan als een boom. Met mijn gemoedstoestand.

Daar stond ik. Een eenzame treurwilg.

De kinderen begonnen te wenen. Dat was de laatste keer dat ik zo’n zielenknijper zag.




‘Ik had je al gezocht tussen de wandelaars. Maar ik vond je niet.’
dat zei ze. Toen ze met haar bakfiets naast mij stopte.
Langs het kerkhof van de Abdij.

Enkele weken (maanden?) geleden had ik haar leren kennen. Op dezelfde plek.
Een jonge mama van een eerste kindje. In “zwangerschapsverlof”.
En dus kwetsbaar. Leeg gezogen.
Door de vier muren. En haar zoontje.

Ze sprak me toen over haar ‘eenzaamheid’. Die ik begreep. Vond het moedig van haar daarover te spreken.

Gisteren spraken we over ‘vertrouwen’.
Ze had vriendinnen waar ze louter plezier meemaakte.
En anderen waar ze ook iets kwijt kon. In vertrouwen.

Soms blijf je lang hangen in het hoofd van een onbekende passant.
Ben je even een ‘thuis’. Voor de andere.
Die je herkent. En kende. Nog voor je haar zag.



+++


Thuis

Alsof je een plek bereikt.
Om je heen kijkt en weet
dat je thuis bent.

Een weiland, vergeten
langs duinen en bosrand,
iemand buigt tussen jou
en een feest – op zoek
naar de wijn, een gezicht
wordt zijn eerste woorden,
wat geschreven werd voor jou
door een nooit gevoelde hand.

Alsof je dit al kende
voor je het zag. Er geweest was
voor je er zou komen.

Zo thuis.


Kees Spiering


PS.
Dit gedicht hangt tegen het venster van mijn tuindeur.
Telkens ik thuiskom, lees ik de laatste strofe.

de ondraaglijke last van de lichtheid



De Standaard der Letteren – 1 mei 2021





Het soortelijk gewicht van licht


Zij had alleen zichzelf
en de straat
ze wachtte op een passant

als een tijdelijke oplossing

voor zichzelf
haar gezelschap
waarmee ze opgezadeld zat

zoals een oud paard

in de stal wacht
op de laatste halte
staande.





PS.
Ze had niemand buiten zichzelf.
Geen ouders. Geen man. Geen kinderen.
Twee verre nichten. Eén in Antwerpen. Eén in Burkina Faso.

‘En de buren’, vroeg ik.
Ze keek bedenkelijk rond.
Hopeloos zoals iemand die de weg verloren was.

Vele mensen moeten reizen. Om zichzelf te vinden.
Sommigen vinden de reis onderweg.
In de straat of op een bank.

Het is een kwestie van zien en luisteren.


PS.
Si tu te sens seul lorsque tu es seul, tu es en mauvaise compagnie.’ Jean-Paul Sartre.

Ik vrees dat filosofie niet voor iedereen geschikt is.