Maar altijd is er meer…

.

Et Dieu créa la femme…

en toen rustte Hij.
Een week lang.

.

De onvoltooid verleden tijd van gemis en verlangen

https://uvisite.files.wordpress.com/2018/12/48197923_10217223899208120_9153551579612184576_n1.jpg?w=514&h=342
Fotograaf onbekend

Ik schrijf je neer

Mijn vrouw, mijn heidens altaar,
Dat ik met vingers van licht bespeel en streel,
Mijn jonge bos dat ik doorwinter,
Mijn zenuwziek, onkuis en teder teken,
Ik schrijf je adem en je lichaam neer
Op gelijnd muziekpapier.

En tegen je oor beloof ik je splinternieuwe horoscopen
En maak je weer voor wereldreizen klaar
En voor een oponthoud in een of ander Oostenrijk.

Maar bij goden en bij sterrenbeelden
Wordt het eeuwig geluk ook dodelijk vermoeid,
En ik heb geen huis, ik heb geen bed,
Ik heb niet eens verjaardagsbloemen voor je over.

Ik schrijf je neer op papier
Terwijl je als een boomgaard in mei zwelt en bloeit.

– – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – –…

View original post 163 woorden meer

Het ondraaglijke licht

.

De Sint
bracht mij licht.
En geuren vers uit het bos.

Schaduw
laag en langzaam.
Van geluk.

Gesponnen uit verwondering.

PS.
En zij bracht een mand vol zoet.
Zonder dat ik een brief geschreven had.

De onvoltooid verleden tijd van gemis en verlangen

Wreed geluk aan de zeedijk – Zuiderlucht
Koen Broucke, Het laatste licht van de dag (Oostende)

Ik stond te kijken van mijn verbluffende onkunde. Niemand had haar weergaloze hals zo onvoorstelbaar klungelig vereeuwigd als ik. Niemand het jaarlijks jubelende zomerlicht in mijn raam zo zichtbaar verknald in de kleur. Niemand mezelf in een zelfportret zo ­terecht gitzwart misvormd.

Kortom, wat waren het heerlijke uren, zo ijsberend, schilderend, zo rusteloos heen en terug kerend, als een zot kompas in de dagen, langs de doekjes, soms bijna dansend om mijn eigen onvermogen.

Het was me eindelijk gelukt.

Uit Het Weekblad van De Standaard – Bernard Dewulf – 2 oktober 2021

°°°

Zo schrijf ik dus.
Met verbluffende onkunde.
Klungelig vereeuwig ik.

De ondraaglijke lichtheid van mijn bestaan.

Het bijzondere
van het banale.
Het alledaagse van een man.

Langs de trappen van het leven.

In al zijn vergelijkingen.
Met de schoonheid en de troost.
Van anderen.

Hen die ik bewonder…

View original post 46 woorden meer

Le vent, le cri…

.

Als ik een meeuw was
en jij de zee

dan deelden wij samen
het strand en de hemel

golven en vleugels
zwijgen en spreken

tot wij verdwijnen in het verleden.

.

De onvoltooid verleden tijd van gemis en verlangen

Afbeeldingsresultaat voor schuimende zee

Zoom.NL

24-02-15

Hier waar het land
de hemel raakt
zoals de zee de avondzon

schreeuwt een meeuw
mij open
tot aan de verte van een herinnering

hoe wij het leven
leeg zogen
als een koekoeksei

verlangen nestelden
in gestolen uren
van De Panne tot aan een Brugse rei

waar wij verdwenen in de kreet van een souvenir.

°°°

PS.
En toch klinkt een meeuw aan zee
anders dan in het hinterland.
Tussen de velden lijken ze zelfs uitheems
en vreemde vogels.

Maar ze werken Proustiaans. Met hun zwevende vleugelslag
is de zee weer dichtbij.
En ook wat al lang verleden tijd was.

PS.
Het was alsof we door de hemel overspoeld werden.
De wind werd een lichte Beaufort.
Met z’n tweeën vochten we met een paraplu
tegen de wilde regen.

https://www.youtube.com/watch?v=rRbyZ3eD-9M&index=4&list=RDqZSJvyBag8A

View original post

De verleiding

.

Nog vragen? …

.

De onvoltooid verleden tijd van gemis en verlangen

Foto internet Follow my footprints


_

_

‘Mag ik u een vraag stellen?’
Deze vraag werd gesteld toen wij elkaar passeerden op het anonieme trottoir.

Zijn taal was alleszins beter verzorgd dan z’n tanden. Maar dit laatste mocht geen bezwaar zijn voor mijn instemming inzake een blijkbaar prangende materie. Doch alvorens tot de essentie te komen, deed hij nog een vluchtig onderzoek naar een premisse voor zijn bevraging.

‘Je weet maar nooit tegenwoordig’, stelde hij. En hij informeerde of ik ‘voor de vrouwen’ was.
Het was duidelijk dat de terracottakleur van m’n jasje en het frivole sjaaltje gedrapeerd over mijn schouders, zijn wereldbeeld over hoop haalde.

Ik stelde hem gerust. Hij kon niet bevroeden hoe ik nog dagelijks lijd onder de aanvallen van mijn testosteron.
Met enige geruststelling mocht ik vaststellen dat dit ‘voor een kenner’ toch niet meteen zichtbaar was.
Toen legde hij mij meteen, open en bloot, zijn…

View original post 202 woorden meer

Entre chien et loup

.

Tussen twijfel en schrijven
ligt het wit.
Nog onbevlekt.

Geen zin
die het afbreekt.
Puin achterlaat.

Van overbodige woorden.


Porte-moi
Au delà des angoisses
A l’appel du désir… ”

.

https://www.youtube.com/watch?v=K3PHzq0DOrg

.

De onvoltooid verleden tijd van gemis en verlangen

Overmatige bewondering is verering of ophemelen

Tijdens het avondjournaal ga ik op wandel. Naar zee, duinen of bos, altijd bij valavond.

De dagen worden langer. De daglengte heeft de nachtduur eindelijk overmeesterd. Al anderhalve maand zie ik iedere avond de nederlaag van het licht. Soms valt de dag als een knikker achter de horizon, andere keren wordt hij gevloerd op een zacht laken van waterdamp.

Is het nog dag of al nacht? Entre chien et loup wordt dit verschijnsel zo mooi genoemd. Naargelang het moment in de schemering wordt ofwel meer een wolf geschoten, ofwel meer een hond. Het oordeel hangt af van het donkere gemoed of het ­optimisme van de geest. Je kunt treuren om de komst van de onherroepelijke nacht of je kunt dankbaar zijn voor het laatste licht. Halfleeg, halfvol. Geen idee, maar het glas is ­gebarsten.

Uit: het Weekblad van De Standaard – – 25 april 2020

.                                                                    °°°

_

View original post 218 woorden meer

O, ik weet het niet

.

Nu en dan
liet hij een ‘like’ achter. Onder mijn dagboek.

Zeldzaam zacht voor een recensent.
Van de Poëziekrant.
Hij was ook dichter.
Maar op zijn Blog bleef het stil.

Ook in het leven.
Enkele maanden nadat hij hier langskwam,
vertrok hij onverwacht.

Naar Ispahaan.

Wellicht recenseert hij nu al die vergeten dichters
in het Vagevuur.

PS.
“Talent is een klein plantje dat vertrouwen nodig heeft om te groeien.” –
Nele Van den Broeck – DS – maandag 18 oktober 2021

De onvoltooid verleden tijd van gemis en verlangen

.

Huismus identificatieInternet Aio-Notson

.

.

o, ik weet het niet,
maar besta, wees mooi.
zeg: kijk, een vogel
en leer me de vogel zien
zeg: het leven is een brood
om in te bijten en de appels zien rood
van plezier, en nog, en nog, zeg iets.
leer me huilen, en als ik huil
leer me zeggen: het is niets.

Herman de Coninck –  De lenige liefde 1969

.                                   ***

.

O, ik ken je niet,
mijn liefste,
ik weet niet wie je bent

maar ik hou van de O in jou

je blozende ogen,
je mond en tong
hoe ze kijken en zwijgen

soms ben je mijn dagelijks brood

dan weer een appel
die ik opnieuw wil plukken
ook al ben ik honderdmaal

je rood vergeten

vandaag nog leer ik vliegen
zonder handen
om dan dicht bij jou

dicht bij jou alles te verliezen.

.

.

View original post

de fabel van de Troostvogel

.

Een troostvogel
voor hen die ik in verwarring bracht.

Voor hen die lazen wat er stond.
En die ik zo het op verkeerde been zette.

Omdat ik te weinig wit had gemengd.
Tussen mijn verwarde woorden.

Nooit zal u mij lezen, zoals ik u geschreven heb.

https://www.youtube.com/watch?v=XKjHAdSEdCY

.

De onvoltooid verleden tijd van gemis en verlangen

Het was ochtend, de Secretarisvogel had de krant doorbladerd
en hij keek tussen z’n stapels brieven.
Er verscheen een rimpel boven zijn ogen.

Hij dacht aan de Troostvogel. Die hij had leren kennen in een liedje.
Hij vertrouwde zijn woorden. Alsof hij ze zelf geschreven had.
Hoewel hij wist dat de Troostvogel eerder een Dichter dan een Notaris was.

Zelf schreef hij zeer secuur en ook doordacht.
In alinea’s en paragrafen. Hij verwerkte bakken belangrijke komma’s en punten
tussen zijn woorden, zelfs dubbelpunten. En een punt-komma.

Omdat hij maar één bedoeling had:
zo duidelijk te schrijven dat elke zin glashelder was.
Doorschijnend en correct. Ook als je hem langdurig tegen het hevige licht hield.

Hij wist dat de Troostvogel van een totaal andere familie was.
Hij was eerder een zanger, een dichter dan een klerk of landmeter,
die van elke letter de maat nam.

De Troostvogel, daarentegen, strooide zijn…

View original post 234 woorden meer

tot de schilder je loslaat

.

Tussen lust en onlust.
Tussen zien en ontzien.
Tussen kijken en ontwijken.

Bernard Dewulf

Ik tuimel nog elke dag door het leven.

.

De onvoltooid verleden tijd van gemis en verlangen

.

een verlangen naar ontroostbaarheid

Egon Schiele – ‘Zittende vrouw met opgetrokken linkerbeen’ (1917)

Ik wilde meer en anders, van alles gulzig proeven. Tegelijk voelde ik me schuldig en ondankbaar. Ook dat is melancholie: jezelf dingen kwalijk nemen, vinden dat je iets niet goed hebt aangepakt, en dat vervagende verleden idealiseren.’

‘Schiele incarneert die tegenstelling tussen schoonheid en pijn heel mooi. Hij provoceert, maar niet gratuit. Hij schilderde dit portret in 1917, in oorlogstijd. Hij kreeg tegenwind, maar hield vol, bleef de burgerlijke moraal een geweten schoppen. Dat is ontzettend belangrijk. Ook nu.’

Uit: De Standaard – 4 april 2020 – Chokri Ben Chikha

. – –oOo– –

Mijn woorden worden penselen.
Willen je vervolledigen.
Maar ik zie je graag

onaf

zodat je kunt
worden
wie je bent

ik laat je

niet achter
maar wacht
nog elke dag

tot de schilder je loslaat.

PS.
De schoonheid van de onvolmaaktheid.
En…

View original post 111 woorden meer

Een woord om in te wonen


Beeld internet ‘een regel per dag’.

.
‘Die Sprache ist das Haus des Menschen,’ zegt Heidegger.
‘In dieser Behausung wohnt er.’
Maar luidt mijn vraag in Klém:
‘Is zijn taalhuis een droompaleis of een nachtasiel?’

Uit ‘De woede van de wind’ – pag.43 – Hellema

 

 

 

Ach, soms tocht het er.
Zingt de wind door de kieren.
En krijg ik kou.

Zonder jou.

Maar dan bouw ik een woord.
Een iglo.
Puzzel ik ons weer in mekaar.

En verwarm ik jou. Zelfs tot na de komma.

_

Soms ligt de Muze waar je haar niet verwacht.
Te slapen. Zomaar.
In een woord. Een huis om samen in te wonen.
_

Goedemorgen

Beeld van Sven Franzen in De Morgen

.

‘Jouw hallo kan het verschil maken voor wie eenzaam is’ – World Hello Day
Het is het woord dat we in de meeste talen kunnen uitspreken, toch zeggen we maar bitter weinig hallo wanneer we iemands pad kruisen. ‘In onze meer individualistische maatschappij zijn we daarvan weggeëvolueerd.’ 

Zeg vandaag eens hallo aan tien onbekenden. Goeiemorgen of -middag mag ook. ‘Juu’ of ‘joo’ als u zich éxtra goed in uw vel voelt.
Maar het opzet is duidelijk: als u iemand kruist op straat, in de gang, in de supermarkt, moet u die persoon begroeten.
Zelfs als u die persoon niet kent – zéker als u die persoon niet kent.

Citaat uit De Morgen – 21 november 2022 – – KATRIN SWARTENBROUX

°°°

_

_

Ha, zegt hij, je kan meteen merken dat jullie dikke vrienden zijn.

Tja, mijnheer, antwoord ik, wij kennen zelfs elkaars naam niet.

De zon wacht reeds ongeduldig. Mijn tijd is traag.
Zo dadelijk ga ik weer slenteren langs de vijvers van de Abdij of in het bosje van het Kasteel.
De banken zullen nog bedekt zijn met het zweet van de nacht.

Na jaren dagelijkse ervaring, herken ik vele soorten wandelaars.
Aan hun pluimage, gescharrel of de introverte dopjes van hun gehaaste oren.
Zij die je aankijken, anderen die je geen blik waardig achten. Ondoorgrondbaar. Onbewogen.

Er staat geen leeftijd op. Ook geen geslacht.

_

_

PS.
Uren heb ik al op banken gezeten met onbekenden.
Prachtige momenten kreeg ik cadeau.

Voor de dode ogenblikken, steek ik een dichter in mijn binnenzak.

.